Eind 2024 presenteerde het College voor de Rechten van de Mens het jaarplan van 2025 voor Caribisch Nederland. De belangrijkste punten uit dit plan zijn:
1. Goede voorbereiding voor het uitrollen van oordelen
Op 1 januari 2026 gaat de gelijkebehandelingswetgeving in op Caribisch Nederland. Dat betekent dat vanaf dat moment inwoners op de eilanden met een discriminatieklacht terecht kunnen bij het College. Zij kunnen om een oordeel vragen over of er sprake is van discriminatie. Deze oordelende taak moet goed voorbereid worden. Om ervoor te zorgen dat deze ook past bij de cultuur en de context op de eilanden. Omdat de eilanden kleine en hechte gemeenschappen zijn, kent men elkaar vaak persoonlijk. Daarom verwacht het College bijvoorbeeld ook een bemiddelaar in te zetten bij een aantal zaken, in plaats van altijd direct een oordeel te geven.
2. Verdere ontwikkeling adviseren en aansporen
Het College houdt de focus op het tegengaan van armoede en discriminatie in Caribisch Nederland. Gelijke rechten voor mensen met een handicap en het bestrijden van geweld tegen vrouwen en meisjes blijven ook belangrijke onderwerpen. Twee onderwerpen die het College verder wil onderzoeken zijn:
Klimaatverandering en milieuvervuiling hebben directe gevolgen voor mensenrechten. Denk aan het recht op gezondheid, schoon water, zekerheid van voedsel en een veilige leefomgeving. Het College houdt in de gaten of deze rechten voldoende zijn beschermd, ook in wetten en regels over klimaat. In Caribisch Nederland zijn de risico’s van klimaatverandering extra groot: de zeespiegel stijgt, periodes van droogte worden langer en koraalriffen sterven af. Daarom vindt het College dat klimaatverandering een vast onderdeel moet zijn van beleid voor de eilanden. Het College onderzoekt daarbij verder hoe het op dit thema een rol kan spelen.
Hierbij gaat het bijvoorbeeld om mensen in een gevangenis of gesloten zorginstelling. Voor mensenrechten is het belangrijk om onmenselijke behandeling in deze situaties tegen te gaan. Hiervoor bestaat een internationaal verdrag dat OPCAT heet (Optional Protocol to the Convention against Torture). Het College onderzoekt of dit ook voor Caribisch Nederland kan gaan gelden.
3. Verder uitbouwen voorlichting, netwerk en communicatie
Om goed werk te kunnen doen op Caribisch Nederland is het belangrijk om zo veel mogelijk goede contacten te hebben op de eilanden en voorlichting te geven. Dit wil het College verder uitbouwen door zogenaamde ‘town hall meetings’ en voorlichtingsavonden te organiseren. Over de gelijkebehandelingswetgeving en mensenrechten in het algemeen. Daarnaast werkt het College ook aan communicatie over mensenrechten en wat het College voor inwoners van de eilanden kan betekenen. Op deze website en op Facebook, waarbij we onder andere korte filmpjes met uitleg gaan gebruiken.
